Het succes van de zaai

Onze Franse zuiderburen verkiezen jaarlijks, en dit jaar al voor de 5de keer, de suikerbietplanter van het jaar. Dit keer een nieuw concept, een nieuw thema, nieuwe partners, nieuwe prijzen, een nieuw logo…
Strube-Deleplanque is organisator, samen met het Franse vakblad voor bietentelers "Le Betteravier Français" (vergelijkbaar met onze "Bietplanter").

2018 is het jaar van de zaai en daarom ook werden voor dit evenement Monosem, specialist in bietenzaaimachines en ook Precifield, een start-up firma gespecialiseerd in perceelskaarten, als partners erbij gevraagd. Alle vragen gericht aan de kandidaten waren dan ook in verband met de zaaikwaliteit op hun bedrijf:

Uit de vele inzendingen werden 10 finalisten geselecteerd.
Op vrijdag 25 mei werd de winnaar bekendgemaakt. Pierre Courtier won als bietenteler van het jaar een magisch verblijf voor twee personen in Caudalie, het hart van de Bordeaux wijnstreek. Er was ook een speciale prijs van de jury en hier kreeg de winnaar Alexis Demory, een luxe weekend in Relais & Châteaux.

betteravier de l annee

 

Het grote belang van de zaai voor een geslaagde teelt inspireerde de kandidaten

Alle kandidaten suikerbiettelers waren het eens: de zaai heeft een enorme impact en is één van de belangrijkste stappen met de meeste invloed op het verdere verloop van de teelt (onkruidbestrijding, oogst,…). Iedereen is zich bewust dat de suikerbietteelt op dat moment heel gevoelig is en dat de opbrengst grotendeels bepaald wordt van bij de zaai.

PIERRE COURTIER

“Eenvoud boven alles”

pierre courtier strube

De winnaar Pierre COURTIER is een jonge landbouwer, die sinds een 3-tal jaar op het familiebedrijf werkt waar 50 Ha suikerbieten worden geleverd aan de suikerfabriek van Connantre (Téréos)(net onder Reims). Hij hecht enorm veel belang aan de voorvrucht, de groenbemesters. Hij maakt zelf de zaadmengsels en selecteert de verschillende soorten op basis van hun sterke punten. Voor de gele mosterd (anti-nematoden) kiest hij een zo laat mogelijk bloeiend ras. Als vlinderbloemigen kiest hij wikken en klaver voor de aanbreng van stikstof. Vooral ook de grootte van de zaden van de verschillende groenbemesters zijn van belang omwille van een homogeen zaaimengsel.

Zijn grond, kleileem en zandleem, hebben niet het grootste potentieel. Zijn gemiddelde opbrengst bedraagt 83 T/Ha. Dus hij past zijn productiekosten aan. De bodembewerking houdt hij eenvoudig: een stoppelbewerking tijdens de herfst om een vals zaaibed te creëren. De grond wordt in één bewerking klaargelegd in het voorjaar met een zaaibedcultivator op geploegd land, of met een grote breker om een toch verkruimelde en vlakke structuur te krijgen. Eigenlijk wil hij nog eenvoudiger. Hij heeft vereenvoudigde teelttechnieken (TCS) getest in suikerbieten met enkel een tandwerktuig. Maar dit was in zandgrond, zeer droog in de zomer en dit heeft niet gewerkt. Maar hij wil dit wel proberen op andere gronden.

Verder is volgens Pierre de kwaliteit van de zaai voor meer dan 30% verantwoordelijk voor het uiteindelijke rendement. Zoals eerder vermeld is de bodembedekker als voorvrucht belangrijk, ook de bodembewerking voorafgaand aan de zaai maar ook net voor de zaai net als de zaaidatum en de zaaidiepte. Het onderhoud, de vernieuwing en het correct afregelen van de zaaimachine zijn eveneens belangrijke elementen.

ALEXIS DEMORY

"Voldoende aandacht besteden aan teeltrotatie"

alexis demory strube

Alexis Demory is bietenteler op een gemengd familiebedrijf in de streek van Bucy (ten westen van Reims) en heeft zo’n 100 Ha suikerbieten op een totale oppervlakte van 460 Ha. Zijn hoofddoel is ploegloos boeren en daarvoor verfijnt hij de techniek om de zaaikosten te reduceren maar toch de opbrengst en de structuur van de grond te bewaren.

Om de zaaikwaliteit te optimaliseren gebruikt hij volgende techniek:
Na de tarwe wordt begin oktober haver gezaaid. “ik geef de voorkeur aan een zaaicombinatie, weliswaar duurder, maar die biedt verschillende voordelen: lagere zaaidichtheid, goede opkomst, zelfs bij slecht weersomstandigheden, bodem goed vlak na de zaai en de stroresten worden gemulcht zodat die beter worden verteerd."

Vóór de zaai wordt de groenbedekker laat vernietigd (niet voor februari) en dit met een rotoreg van 3 m, aan 7 km/u, zo ondiep mogelijk om de groenbedekker te mulchen, de grond op te warmen en eventuele sporen van het spuittoestel van de stikstofgift te wissen. De traktoren zijn uitgerust met brede banden, vooraan (650 mm) en achteraan (850 mm). Deze techniek werkt zuinig: één persoon op de kleine traktor met de rotoreg en één persoon met een 12-rijige zaaimachine. Ook is er het grote voordeel van geen zware machines meer te gebruiken en toch is de grond goed aangedrukt voor een betere opkomst en een verlaging van een aanval van miljoenpoten.

Alexis zaait nooit voor 15 maart om aanvallen van bodeminsecten te vermijden en het aantal na-opkomstbestrijdingen te verminderen. Momenteel test hij suikerbieten onder folie op 1 Ha om vroeger te kunnen oogsten. Voor Alexis kunnen de zaaikosten gereduceerd worden op voorwaarde dat er opnieuw voldoende aandacht wordt besteed aan teeltrotatie.

finalisten strube

Bij de andere finalisten was o.a. de zaaidatum van allergrootste belang en moet men zo vroeg als mogelijk zaaien om de hoogste opbrengsten te halen, rekening houdende met het opdrogen van de bodem en een opgewarmde grond. Maar ook oppervlakkige grondbewerking, ploegloos de grond bewerken, de aanleg van een vals zaaibed, lokaal bemesten om de dosis en dus de kosten te dekken zijn teelttechnieken die bij de zaai van belang zijn. Ook het goed vernietigen van groenbemesters om slakkenschade te voorkomen… zelfs het idee van winterbieten werd vermeld, bieten in paperpots, maar ook het gelijktijdig zaaien van suikerbieten met een groenbemester op het einde van de zomer zijn ideeën met misschien mogelijkheden voor de toekomst…


strube


De technieken van de zaaimachines gaan er ook op vooruit: zo zijn er momenteel proefprojecten met GPS-gestuurde machines die de zaaidichtheid tijdens de zaai aanpassen aan de verschillende zones binnenin een perceel. Dit op basis van een perceelskaart die gemaakt wordt door verschillende beeldanalyses (scanners) met daarop de plaatsbeschrijving (topografie), de textuur, het voorradig zijn van organisch materiaal, de pH, zones met voldoende P en K voorraad, …